Rouwen, wat is dat?
Wat is rouwen?
Rouwen is wat je voelt en doet als je iemand of iets verliest dat belangrijk voor je is. Dit kan zijn doordat iemand, zoals een (groot)ouder, broer of zus, vriend(in), huisdier, … is gestorven. Maar rouwen kan ook gebeuren als bijvoorbeeld je ouders uit elkaar gaan, je moet vluchten uit jouw thuisland of een droom niet uitkomt.
Rouwen is zoals een vingerafdruk, persoonlijk en uniek. Iedereen rouwt op zijn eigen manier en tempo. Sommige mensen willen snel terug naar hun gewone leven, anderen hebben veel tijd nodig. Het ene moment voel je je oké, het volgende moment ben je weer verdrietig of boos. Dat is helemaal normaal.
Een mooie manier om dat uit te leggen, is het beeld van de roeiboot met 2 riemen:
één voor het verlies zelf, en één voor het leven dat verdergaat. Soms gebruik je meer de ene, soms de andere. Zolang je op jouw tempo blijft varen, is dat helemaal goed.
In elke familie, cultuur of religie bestaan er andere manieren om met verlies om te gaan. Sommige mensen rouwen luid, anderen in stilte. Sommigen bidden of doen rituelen, anderen herinneren de overledene op een heel persoonlijke manier.
Rouwen op verschillende leeftijden
Hoe je rouwt, hangt soms ook af van hoe oud je bent. Kinderen, jongeren en jongvolwassenen denken en voelen anders.
Kinderen (6-12 jaar)
Kinderen begrijpen vaak nog niet helemaal wat dood zijn betekent. Ze kunnen denken dat de persoon terugkomt of dat het hun schuld is. Ze hebben veel vragen, soms op onverwachte momenten. Hun rouw komt vaak in stukjes: ze spelen, zijn verdrietig, en dan spelen ze weer verder.
Voorbeeld:
Milan (7) vraagt vaak aan zijn mama of papa in de hemel ook kan bellen. Hij mist zijn papa heel erg.
Jongeren (12-18 jaar)
Jongeren beseffen meestal goed wat dood betekent. Hun hersenen zijn volop in ontwikkeling, en daardoor voelen ze alles vaak extra intens. Ze zoeken naar hun eigen identiteit en willen erbij horen, waardoor ze soms hun verdriet verstoppen. Ook vragen over de zin van het leven en de dood kunnen opduiken.
Voorbeeld:
Sarah (15) doet extra haar best op school sinds haar zus stierf. Ze wil niemand tot last zijn, ook al is ze vanbinnen heel verdrietig.
Jongvolwassenen (18+)
Voor jongvolwassenen komt rouw vaak op een moment waarop ze bezig zijn met zelfstandiger worden. Ze nemen belangrijke beslissingen over hun toekomst, en het verlies kan hen onzeker maken of hun plannen veranderen. Ze voelen zich soms alleen in hun verdriet, zeker als hun omgeving “verdergaat”.
Voorbeeld:
Noah (21) twijfelt of hij zijn studie moet verderzetten nu zijn mama er niet meer is. Ze was zijn grootste steun.
Gevoelens
Als je iemand verliest die je graag ziet, zijn je gevoelens zoals een rollercoaster: verdriet, boos, schuld, bang, blij, eenzaam, … of net helemaal niets. En dat is allemaal oké. Je kan huilen én lachen in dezelfde dag. Je kan iemand missen en tegelijk kwaad zijn op die persoon. Dat is niet raar, maar dat maakt je normaal.
Gevoelens zijn niet goed of fout, ze willen je iets vertellen. Het kan wel lastig zijn om al deze zaken te voelen. Het helpt om ernaar te luisteren, ook al zijn ze niet altijd leuk. Je hoeft ze niet weg te duwen of alleen te voelen, praat erover met anderen.
Voorbeelden:
Lina (8) begon te huilen toen haar knuffel kapot ging. Maar eigenlijk miste ze haar opa, die altijd haar knuffels herstelde. Ze wist het zelf pas toen ze erover begon te praten.
Jonas (15) voelde zich schuldig omdat hij vlak voor het ongeluk ruzie had met zijn broer. “Ik zei iets doms… en toen was hij weg. Ik krijg dat niet uit mijn hoofd.”
Amira (20) was aan het lachen met vrienden en plots begon ze te huilen. “Het voelde raar… Ik dacht: mag ik wel lachen als mijn oma er niet meer is?”
Gedachten
Als je rouwt, gebeurt er ook veel in je hoofd. Soms kan je niet stoppen met denken aan degene die mist en soms kan je zelf niet nadenken. Je vergeet dingen, bent snel afgeleid of haalt van alles door elkaar.
Dat komt omdat rouwen heel hard werken is. Je lichaam en je hoofd zijn druk bezig om alles te begrijpen en te verwerken.
Misschien blijven er vragen ronddraaien in je hoofd zoals:
- Waarom is dit gebeurd?
- Hoe moet het nu verder?
- Wat als ik anders had gehandeld?
- Had ik iets kunnen doen?
- Ga ik dit ooit aankunnen?
- Wat betekent dit voor mijn toekomst?
Gedachten proberen je te helpen om iets moeilijks te begrijpen. Dat is soms, maar soms is het te veel voor ons hoofd. Dan blijf je piekeren of word je alleen nog maar meer moe.
Je hoeft niet alle antwoorden meteen te vinden.
Voorbeelden:
Daan (7) dacht dat zijn zus gestorven was omdat hij ooit had gezegd dat hij haar stom vond. Hij bleef zich dat kwalijk nemen tot iemand hem uitlegde dat dat niet zo werkt.
Zoë (15) kon zich moeilijk concentreren op school. Haar hoofd dwaalde af naar het ongeluk van haar papa. Ze dacht: “Waarom ben ik er nog wel?”
Lotte (19) voelde zich verloren zonder haar zus. Zij hielp haar altijd met keuzes maken. Nu moest ze plots alleen beslissen over haar studierichting en ze twijfelde aan alles.
Gedrag
Als je rouwt, kunnen er ook zaken veranderen in wat en hoe je doet.
Misschien ben je stiller dan anders. Of net drukker. Misschien trek je je terug. Of word je sneller boos. Misschien wil je nergens meer naartoe of wil je net heel avontuur.
Sommige kinderen en jongeren lijken “gewoon door te gaan”, terwijl anderen plots heel anders doen dan normaal. Dat kan voor jezelf of je omgeving verwarrend zijn, maar dit is normaal. Het is je manier om met iets moeilijk en heftig om te gaan.
Voorbeelden:
Zita (8) was heel stil op school, maar thuis werd ze vaak boos om kleine dingen. Eigenlijk was ze bang dat haar mama ook nog zou verdwijnen, net als haar opa.
Noor (16) ging elke dag joggen, zelfs als ze moe was. “Ik moet iets doen, anders ontplof ik,” zei ze.
Lucas (22) deed alsof alles oké was, maar ging elk weekend op café en dronk veel alcohol om niets meer te moeten voelen.
Lichaam
Als je iemand verliest, kan je dit voelen in jouw lichaam.
Rouwen kan je moe maken, maar ook zorgen voor andere dingen zoals buikpijn, hoofdpijn, of problemen met slapen. Je spieren kunnen pijn doen, jouw hart klopt opeens sneller, geen honger of net meer honger meer
Dat komt omdat je lichaam heel hard werkt om al die moeilijke gevoelens te verwerken. Je lichaam zegt op deze momenten dat het rust nodig heeft.
Voorbeelden:
Nina (7) werd elke ochtend misselijk en wilde niet meer naar school. Haar mama ontdekte dat ze verdriet had om haar overleden opa.
Thomas (17) sliep steeds minder goed en voelde zich vaak duizelig. Hij dacht dat het door stress kwam, maar het was ook omdat hij zoveel verdriet had.
Sophie (21) merkte dat ze veel spierpijn had en bijna geen energie meer om te studeren. Ze dacht eerst dat het door haar drukke leven kwam, maar haar lichaam gaf haar een teken om rust te nemen.
Hoe ga ik met rouw om?
Rouwen is iets wat je zelf moet doen, maar je hoeft het niet alleen te doen.
Er bestaat geen handleiding of “juiste manier” om ermee om te gaan. Wat vandaag helpt, helpt morgen misschien niet. Wat voor je vriend(in) werkt, werkt misschien niet voor jou. En dat is helemaal oké.
Wat kan helpen?
- Praat erover. Met een vriend(in), ouder, leerkracht, vertrouwenspersoon, … Soms is het niet altijd makkelijk om dit te doen. Misschien voel je je alleen in je verdriet of durf je hierover niet te praten. Dan kan het helpen om hierover te praten met een professional, iemand die luistert en samen helpt zoeken naar wat kan helpen.
- Schrijf of teken. Soms lukt praten niet, maar kan je wel iets kwijt op papier.
- Blijf bewegen. Wandelen, dansen, sporten, … je hoeft geen topsporter te zijn, maar je lijf in beweging houden helpt je hoofd soms mee.
- Zorg goed voor jezelf. Probeer te eten, te slapen en af en toe iets te doen wat je energie geeft, ook als het moeilijk is.
- Neem pauze van je verdriet. Het is oké om ook te lachen of plezier te maken. Dat betekent niet dat je iemand vergeet.
Rouw in mijn omgeving
Als iemand sterft die belangrijk was voor jou en je omgeving dan heeft dat vaak invloed op iedereen rondom jou. Maar ook al missen jullie dezelfde persoon, iedereen rouwt op zijn of haar eigen manier.
Misschien voel je dat jullie elkaar steunen en goed begrijpen. Maar het kan ook zijn dat je net het gevoel hebt dat niemand echt snapt wat jij doormaakt.
Sommige mensen willen praten, anderen blijven liever stil. De ene zoekt afleiding in school, hobby’s of werk. Een ander heeft nergens meer energie voor.
Rouw kan zorgen voor afstand, spanningen of misverstanden, … maar soms brengt het mensen ook net dichter bij elkaar. Soms voel je je alleen in je verdriet. Soms verandert de sfeer thuis of onder vrienden. En soms leer je net hoe belangrijk het is om goed voor elkaar te zorgen.